Een vol stroomnet blijkt toch rekbaar: Tiofarma zorgt voor eigen groeiruimte

Oud-Beijerland
Terwijl veel bedrijven vastlopen door netcongestie, kiest farmaceutisch producent Tiofarma voor een andere route. Het bedrijf tekent vandaag met Stedin een groepstransportovereenkomst, een nieuwe contractvorm waarmee bedrijven bestaande netcapaciteit slimmer delen in plaats van extra capaciteit aan te vragen. De overeenkomst maakt uitbreiding van de productie mogelijk én gebruikt zelfs minder vermogen dan voorheen.
Tiofarma beschikt op zijn terrein over meerdere grootverbruikaansluitingen. Het bedrijf wil één van die aansluitingen verzwaren voor een nieuwe productielijn, maar bevindt zich in een congestiegebied waar extra transportcapaciteit schaars is.
Met de nieuwe groepstransportovereenkomst worden de afzonderlijke aansluitingen samengebracht in één collectief vermogen. De verschillende locaties mogen gezamenlijk niet boven een afgesproken maximum uitkomen. Door die capaciteit slimmer te verdelen, ontstaat ruimte voor groei zonder extra beslag op het elektriciteitsnet. “Wanneer partijen bereid zijn om samen verantwoordelijkheid te nemen, ontstaat meer ruimte dan je aanvankelijk zou denken. Samen kom je tot innovatieve toekomstgerichte oplossingen. Voor Tiofarma is er weer ontwikkelruimte voor een volgende stap, waarbij we zelfs ruimte teruggeven aan het net,” zegt Hans Waals, managing director bij Tiofarma. “We zijn Stedin dankbaar voor hun rol in deze samenwerking.”
"Netcongestie vraagt niet alleen om nieuwe kabels en stations, maar ook om slimmer gebruik van de ruimte die we vandaag al hebben", zegt Maarten Bijl, regiodirecteur van Stedin. "Deze overeenkomst laat zien dat bedrijven zelf een belangrijke rol kunnen spelen bij het creëren van ruimte op het net. Soms zelfstandig, soms met bedrijven in de directe omgeving."
Van individuele aansluitingen naar gedeelde capaciteit
De Groepstransportovereenkomst is een relatief nieuw instrument. De contractvorm maakt al langer deel uit van enkele pilots rond energiehubs, maar kreeg pas recent een formele basis in de Netcode. Daarmee verschuift de GTO van experiment naar regulier alternatief voor bedrijven die willen groeien in een gebied waar het stroomnet tegen zijn grenzen aanloopt. Bedrijven behouden hun eigen aansluiting, maar delen gezamenlijk één hoeveelheid transportcapaciteit die zij onderling verdelen. Daarmee kunnen zij uitbreiden, verduurzamen of elektrificeren zonder dat direct extra netcapaciteit nodig is.
Tiofarma behoort tot de eerste bedrijven in Nederland die zo'n overeenkomst volgens de reguliere regels implementeren. Zowel voor het farmaceutische bedrijf als voor Stedin betekende dat pionieren. Om het collectieve transportvermogen te kunnen beheren, heeft Tiofarma een centraal Energy Management System ingericht. Daarmee wordt continu gemonitord hoeveel stroom verschillende processen gebruiken en kunnen installaties automatisch op elkaar worden afgestemd.
De stroomaansluiting wordt een collectieve verantwoordelijkheid
Volgens Stedin zullen dit soort overeenkomsten de komende jaren steeds belangrijker worden. Op een steeds voller elektriciteitsnet ligt de oplossing niet alleen in netuitbreidingen, maar ook in het slimmer benutten van bestaande capaciteit.
"De tijd dat bedrijven simpelweg meer vermogen konden aanvragen loopt in veel gebieden ten einde", zegt Bijl. "Steeds vaker zullen ondernemers samen moeten kijken hoe ze beschikbare capaciteit beter benutten. Als bedrijven hun verbruik slimmer organiseren, ontstaat ruimte voor andere bedrijven, laadpleinen, productieprocessen en verduurzaming. Tiofarma laat zien dat dit in de praktijk werkt."
De overeenkomst onderstreept een bredere ontwikkeling in Nederland: netcongestie is niet langer alleen een uitdaging voor netbeheerders, maar is een verantwoordelijkheid van alle spelers die stroom gebruiken. Met deze groepstransportovereenkomst worden bedrijven gestimuleerd om niet direct méér capaciteit aan te vragen, maar de ruimte die ze al hebben, beter te benutten.